Geboren voor avontuur: de Ierse setter
Jawel, een vrije vogel. Maar ook hartendief. Door de eeuwen heen is menig schrijver, dichter, musicus of schilder gepakt door een levenslustig karakter in een schitterend pak, een soms rebelse rode ridder.
Ben je van oudsher een Arabier onder jachthonden gebouwd om als zwaluw op vier poten enorme velden te nemen, dan is het niet leuk om als parkietje in een kooitje uitsluitend pronkzucht op shows te ondergaan. Oude glorie De Stichting Oorspronkelijke Setters, opgericht 29 september 2005 wil helpen om de Ierse setter in ons land in oude glorie herstellen. Da’s wat terug doen voor het ras na bijna een levenlang plezier van deze honden, sinds het vierde jaar van de oprichter: Henk ten Klooster (50 in 2005). |
![]() |
Zo is ook het 25-jarig bestaan van de Ierse setter kennel waar sporadisch gefokt is gevierd. Da’s O’Conloch, een naam ontleend aan oude Ierse legendes als vervat in boeken van onze prins der dichters Adriaan Roland Holst. En met een nest (geboren 1 augustus 2005) van tien telgen, op 6 april 2006 gevolgd door het G-nest..

Feitelijk heeft op een show de beoordeling van de theorie plaats, of je hond de geschikte bouw heeft om enorme prestaties in het veld te leveren. Dus of ie gezien zijn bouw kan galopperen en theoretisch over voldoende uithoudingsvermogen beschikt om op vaak moeilijke terreinen toch op topsnelheid te blijven.
Helaas is het bij Ierse setters in ons land - maar ook Engeland en de VS- inmiddels zo dat de meeste keurmeesters en inschrijvers nog nooit gekeken hebben of die theorie ook werkt in de praktijk. Lange oren en heel lage ooraanzet werden zo soms belangrijker dan gezond verstand. Trends dus, die een stoere werkhond tot slachtoffer van eigen schoonheid maakten.
SOS voor de werkende Ierse seter dus. Erger is, dat je bij zo'n alleen maar show selectie niet of te weinig kijkt naar fysieke of mentale prestaties. En die zijn toch voor de meeste eigenaren een stuk belangrijker dan de jongste trends op shows.
Veranderingen op til
Gelukkig zijn er in voorjaar 2006 in Frankrijk onder leiding van voorzitter Ray O'Dwyer van de Irish Red Setter Club uit Ierland initiatieven genomen om wat te veranderen. Als dat lukt, komt er een Europese werkende Ierse setter club die mogelijk ook shows gaat organiseren.
De IRSC is de moederclub van ons ras, die zowel de standaard voor de show als de officiële beschrijving van de werkstijl maakt die in alle landen aangesloten bij de Federation Cynologique Internationale (FCI) dus ook hier richting gevend zijn. Zie www.Irishredsetterclub.com
Zo is er toch weer een kans, dat de Ierse setter die centraal stond in de trilogie Big Red (verfilmd door Walt Disney en als strip Roy verschenen in het jeugdblad Pep, 1962), Outlaw Red en Irish Red van Jim Kjelgaard ook hier bewaard blijft. En we niet een situatie als in de VS krijgen waar de Ierse setter inmiddels de clown van de Sporting Dog Class is.
Henk ten Klooster, 6 april 2006.
Nest plannen in het voorjaar
Waar je maar kijkt is er jong leven. En wat is er mooier dan dubbelop genieten? Voorjaar 2008 biedt een uitgelezen kans een derde -en laatste- zomernest te plannen van Redwing White Lightning (beter bekend als Clancy).
| Klik om te vergroten: |
![]() |
| Clancy overziet schier oneindige velden voor de EK 2008 |
Een nest plannen, daar moet je de tijd voor nemen. Lente 2008 biedt zon zat. De meimaand grossiert in dagen dat je in de schaduw van het verse gebladerte van de eikenbomen, geplant toen we hier kwamen, kunt zoeken naar een partner voor onze vijfjarige Ier. Op foto, film en in catalogi van Europese kampioenschappen voor werkende Ierse setters bijvoorbeeld.
Als zwaluwen
Dan zijn er twee Ieren in Frankrijk die al genietend van afgelopen seizoenen, opduiken als ultieme momenten van settergenot: Apache en Urtis. Als je de ogen sluit op een mooie voorjaarsavond, dan kun je ze weer op het netvlies krijgen. Als zwaluwen flitsen ze over schier oneindige velden.
Wat een feest voor het oog, het EK 2007 in Italie en dit jaar in Frankrijk. In het laatste geval won Urtis met groot gemak de hoogste eer. Een evenement om niet snel te vergeten, al was het alleen maar door de grillige start van de lente met hagel, sneeuw en zon.
| Klik om te vergroten: |
![]() |
| Teamcaptain
Gerard Mirck houdt de Nederlandse vlag hoog tijdens de presentatie voor
nationale teams op het Europees kampioenschap voor werkende Ierse setters
in Sarry, Frankrijk. Het Wilhelmus weerklinkt en er wordt druk gefotografeerd
en gefilmd. Alle kansen zitten er dan nog in voor de deelnemers, waaronder
Pallas Green Gina van Mirck, Redwing White Lightning (Clancy) van Henk ten
Klooster (links), Pallas Green Graton Lad van Harry Damstra en Pallas Green
Finnegan van Claudia Damstra (rechts). Maar Franse Urtis was de grote -en
enige!- winnaar. |
Ook trekken voorbereidingen voor dit evenement aan het geestesoog voorbij. Kriskras door het land in enkele weken naar trainingslocaties om Clancy in topconditie te brengen na het winterseizoen. Goed voor hond en mens. Ongemerkt leg je dagelijks flink wat afstanden af. Zo verdwijnt overtollig lichaamsgewicht waaronder de oogst van het afgelopen jachtseizoen.
Niet verzuipen
Kunst is haar op immense onbesneden terreinen te brengen, zodat ze straks in Frankrijk niet verzuipt. Dat is fnuikend voor de stijl op een EK, waar zeer wijde en diepe slagen verwacht worden. Dat brak haar op in Italie, waar ze volgens de keurmeesters te zeer in de stijl van een praktische werkende jachthond opereerde terwijl haar koppelgenoot Nash meteen op weg naar de einder ging. Kortom, een koppel vol tegenstellingen.
| Klik om te vergroten: |
![]() |
| Eerbiedig zetten leden van het Franse team het hoofddeksel af tijdens het spelen van het volkslied voorafgaand aan de EK. Teamleden zijn: Urtis de la Chaume Rigault (Pernin/Gotti-Munini), Alex du Pied du Mont (Reau-Fusillier), Tyson du Val du Loue (Gotti), Apache des Sorcieres de Sancy (Guittard-Munini) en reserve Ulster des Sorcieres de Sancy. Urtis werd uiteindelijk Europees kampioen 2008. |
Stap voor stap lukt het om Clancy op dat Frans/Italiaanse niveau te brengen. Iedere trainingsdag is er een van vooruitgang. Al blijft ze eerst te zeer in het gareel met slagen zo'n 150 tot 200 meter links en rechts van me. Stimuleren om alsmaar sneller, dieper en wijder te gaan heeft resultaat.
Toch blijft ze in de hand, staat zelfs haas voor en gaat down wanneer ze het hazenpad kiezen. Fraaie staaltjes bij het uitzeven van de lucht van patrijs of fazant, als door een magneet aangetrokken op grote afstand en voorstaan maken trainingen tot een genot.
Dat beeld van een Ier die snel, wijd en diep gaat domineert ook op de eerste veldwedstrijden als oefening voor het EK. Maar Clancy heeft dan zodanig de smaak te pakken, dat ze niet stopt als er in tegenstelling tot de trainingen nog geen wild door haar gevonden is. Op de EK geeft ze daar ook een staaltje van. Ze zoekt na de run tegen koppelgenoot Vesper en een afgetoeterde wedstrijd die geen wild oplevert nog even alle velden af.
Leuk geprobeerd dus, maar mislukt. Al zal er niemand meer te vinden zijn die kritiek heeft op haar fysieke prestaties in dit EK-geweld.
Perfecte partner
Tsja, dan de herinnering aan Urtis. In alles: perfect. Niet gek natuurlijk, dat zijn beroemde trainer Daniel Munini een beroeps is geworden. Met trainingsreizen die hem over de halve aardkloot voeren naar schitterende locaties in Frankrijk natuurlijk, maar ook Andalusie en voor de toppers ligt Paraquay ook in het verschiet. En niet toevallig, was hij ook trainer van de winnaar van de prestigieuze Prix Style Irlandaise van de Franse Red Club en wel Apache.
| Klik om te vergroten: |
![]() |
| Urtis in actie. (Foto: Laurent Pernin) |
Regenachtige mei-avonden bieden gelegenheid om in de geschiedenis van beide Franse toppers te duiken. Er is geen gebrek aan informatie over Urtis, hij is niet alleen winnaar van de EK, maar pakte op de wereldkampioenschappen in tegenstelling tot de eerste in open competitie met de top van Engelse setters en pointers ook een eerste plaats met uitmuntend.
Ook het uitpluizen van de stamboom begint. Vlot staan de eerste zeven generaties op papier en dat biedt veel leesgenot. Je ziet flink wat toppers voorbijgaan, waarvan een aardig deel alive is gevolgd tijdens EK's vanaf 1996. Onder wie Sheantullagh Rampant en diens beste zoon Oslo du Val du Loue, verwekker van Urtis. Aan moeders zijde zie je fraaie namen opduiken zoals Samourai en Saga. Alle lijnen gaan terug op Moanruad-lijnen van John Nash.
Helaas blijkt de inschakeling van de fokadviescommissie (ABC) van de Ierse Setter Club Nederland geen succes. Er is daar nauwelijks tot geen kennis over werklijnen aanwezig. Gelukkig is het dankzij goed gedocumenteerde clubbladen van de Red Club France niet moeilijk, om veel informatie over Urtis, diens voorouders en nakomelingen aan te boren.
Wroeten in wortels
Tegelijk wordt ook wat dieper gegraven in de voorouders van Clancy, op het internet is de National Red Setter Field Trial Club (NRSFTC) bezig een documentatie op te stellen die je voert naar de roerige jaren vijftig in de VS. Raadplegen van alle beschikbare Amerikaanse literatuur en reiservaringen, biedt een kleurrijk beeld.
Op basis daarvan wordt alsmaar duidelijker dat de wederopstanding van de werkende Ierse seter in het land van stars en stripes anders dan heel wat boeken melden of suggereren, vooral te danken is aan Ieren uit de beroemde werkhondenkennel Sulhamstead d'Or. Dominante voorouders zijn Sulhamstead Norse d'Or en Askews Carolina Lady. En heel ver terug duikt daar aan beide zijden de door sommigen uitgestorven gewaande lijn op Smada Byrd op, waarover aangrijpende boeken zijn geschreven door Horace Lytle. Die boeken gaan mee op vakantie naar de Franse Alpen .
Al analyserend blijkt, dat de link tussen Clancy en Urtis pas in de achterste regionen van de stambomen zit, op generatie acht: Sulhamstead Blast en Bomb d'Or. Er is dus sprake wat men in fokkerskringen noemt een outcross (kruisen van niet tot nauwelijks verwante lijnen). Dat is in een tijd met hoogoplaaiende discussies over paal en perk stellen aan het inteelt-coeffcient bij rashonden, een pre.
Al rijst de vraag, of effecten van zo'n COI ook niet evenzeer beinvloed worden door totale afwezigheid van testen op mentale en fysieke eigenschappen, waarvan in schoonheidsfokkerij sprake is. Afijn, beter het zekere voor het onzekere.
Wachten op winter
Zo wordt op een late lente-avond de knoop doorgehakt: het wordt Urtis. Contact met de eigenaar Laurent Pernin is snel gelegd. Da's wel pakweg 1700 kilometer reizen vice versa en levert gezien de korte duur van dekrijpheid (enkele dagen) extra aandachtspunten op. Een eerste poging strandt daarop, maar vol verwachting kijken we naar de volgende kans uit: ergens in de late winterfase. De winner takes it all inclusief Clancy?